Boekbespreking

Wil je je boekbespreking houden over een Groene Hand-boek? Leuk idee! Ik krijg vaak vragen van kinderen die een boekbespreking willen houden. Hieronder geef ik antwoord op de meestgestelde vragen:

Wat kan ik over het boek vertellen?
Misschien heeft je school al een vaste opzet voor boekbesprekingen. Gebruik die dan als basis. Je kunt in ieder geval de volgende dingen vertellen:

  • De titel van het boek en de naam van de schrijfster.
  • Waarom je dit boek hebt gekozen.
  • Iets over de schrijfster.
  • Wat voor soort boek het is (spannend, zielig, leerzaam, grappig?).
  • Waar het speelt (In de geschiedenis? Nu? In een fantasiewereld?).
  • Waar het over gaat. Hier kun je kort vertellen wie de hoofdpersoon is, hoe het boek begint,
    en voor welke opdracht de hoofdpersoon staat. Welke moeilijkheden zijn er? Op de
    achterkant van de Groene Hand boeken staat dit al kort beschreven.
    Oh ja, vertel nóóit hoe het boek afloopt!
  • Of het boek bij een serie hoort.
  • Wat jij het leukst vindt aan het boek.

Hoe bereid ik me voor?
Heb je, met hulp van het lijstje hierboven, uitgezocht wat je allemaal kunt vertellen?
Maak dan een overzicht op papier. Je hoeft niet álles op te schrijven. Maak punten met de belangrijkste onderwerpen. Bepaal in welke volgorde je ze wilt bespreken.
Probeer zoveel mogelijk uit je hoofd te vertellen. Gewoon in je eigen woorden, alsof je praat tegen een goede vriend of vriendin.

Oefen je verhaal thuis een paar keer, door bij alle punten op je lijstje te vertellen wat je weet. Vertel vooral dingen die je zelf leuk en belangrijk vindt. Dan is het altijd goed.
Oefen ook het voorlezen een keer, dan kom je niet voor verrassingen te staan.

Wat moet ik vertellen over de schrijfster?
Vaak moet je iets vertellen over de schrijver. Op deze site vind je een boel informatie over mij. Op de pagina ‘Over’ staat waarschijnlijk al alles wat je nodig hebt. Wil je ook iets vertellen over de illustrator? Dan ben je in dit geval snel klaar, want de schrijfster is ook de illustrator. De omslagen van de nieuwe druk van deel 1, 2 en 3 zijn gemaakt door kunstenaar Jan Cleijne. Op zijn site vind je meer info over hem.

Welk stukje moet ik voorlezen?
Kies een stukje dat spannend is, maar dat niet teveel verklapt. Veel kinderen kiezen ervoor om gewoon bij het begin te beginnen. Bij De Groene Hand deel 1 is het stuk over de zoektocht naar de mammoetkies bij boer Toon ook populair. Bij Het beeld van Raban is het stukje in het huis van de antiekhandelaar spannend om voor te lezen! En bij Het blauwvonk mysterie kun je voorlezen over de vondst van de blauwe fles, of over de nachtelijke fietstocht naar de Zuiderplas of …

Waar moet ik op letten?

  • Spreek duidelijk en lekker hard.
  • Beweeg met je handen (als je dat normaal ook doet) en kijk de klas in. Of doe alsof, en
    kijk gewoon naar de muur achter in de klas ;-).
  • Kijk ook af en toe naar je juf of meester.
  • Zorg dat het boek vóór je ligt, met een bladwijzer bij het stukje dat je wilt voorlezen.
  • Nog een keer: vertel nooit hoe het boek afloopt!

Hoe maak ik de boekbespreking extra leuk?
Hoe meer je alles in je eigen woorden en op je eigen manier vertelt, hoe leuker en levendiger je boekbespreking wordt.

Wat goed werkt is vragen stellen. Bedenk van te voren een paar leuke vragen die je in de groep gooit. Of doe achteraf een kleine quiz over je boekbespreking.

Gebruiken jullie op school powerpoint bij presentaties? Pas dan op met tekst. Laat vooral plaatjes zien, en beperk je tekst tot een paar woorden. Anders ga je staan voorlezen wat iedereen zelf ook kan lezen. Niet echt boeiend toch?

Heb je zelf een bijzondere vraag? Mail die dan aan mij, dan geef ik je persoonlijk antwoord. Dan heb je iets extra leuks om straks in je klas te vertellen!

Succes met je boekbespreking!